Home
 
Cursussen /rubriek/
streepjes

Leren > Opvoeden > Straatcultuur

Tips voor het corrigeren van jongeren in de straatcultuur

Wat is 'straatcultuur'?

In onze samenleving botst bij de politie, in het onderwijs, in zwembaden, op straat en bijvoorbeeld in het openbaar vervoer de norm van de 'burgerlijke' cultuur met die van de 'straatcultuur'. Hoe zijn 'de' jongeren in de straatcultuur? Gezagsdragers zeggen:

De straatcultuur is etnisch gemixt hoewel veel burgers denken dat de straatcultuur allochtoon is. Allochtone jongeren komen wel procentueel vaker in de straatcultuur terecht. Bovendien is hun gedrag, vooral dat van Marokkaanse jongens expressiever en feller dan dat van autochtoon-Nederlandse jongens in de straatcultuur. De burgerlijke cultuur heeft met hen de meeste moeite.

Het corrigeren van jongeren in de straatcultuur

Een van de moeilijkste opgaven voor politiemensen, toezichthouders, docenten e.a. is het corrigeren van jongeren in de straatcultuur. Ze reageren anders dan de 'burgerlijke' cultuur (u en ik, lezers van dit soort artikelen) verwacht.

Wat verwacht u als u jongeren corrigeert? Hoe 'beschaafder' u bent opgevoed, des te meer verwacht u een 'sorry', een excuus en u verwacht misschien dat ze zeggen dat u gelijk hebt: de reactie uit de linker kolom.

Stel dat een groepje jongens overduidelijk al een tijd veel te veel lawaai maakt. U zegt: ”Jongens, het is nu wel mooi geweest, kunnen jullie daar nu eindelijk eens mee ophouden?”

  Wat u verwacht: de burgerlijke cultuur Wat u krijgt: de straatcultuur
Voorbeeld "Sorry, u hebt gelijk, we gaan wel ergens anders heen". "Sodemieter op, ga een ander zitten te vervelen, we doen helemaal niks. Je zit alleen maar op ons te letten. Heb je wat tegen ons?"
1. U verwacht: "Sorry". 1. Géén sorry.
2. Dat ze toegeven: "u hebt gelijk" 2. U krijgt vaak een ontkenning (we doen niks).
3. Een lichte onderdanigheid, een beetje berouw. Dat maakt dat het 'echt' klinkt. 3. Ze schuiven de schuld af. Macho-emotionaliteit. U bent de zeikerd, zij niet. U discrimineert.
4. U verwacht ook dat ze begrip tonen voor het feit dat u er last van had (we snappen het wel). 4. Soms dreigen. (We weten waar je woont. Raak me niet aan).
5. Een verbetering van het gedrag (ze gaan weg). 5. Demonstratief uitdagend juist niét vertrekken. Soms daarna tóch scheldend, (de eer reddend) weggaan.
6. En u verwacht eigenlijk dat ze beterschap beloven (we zullen het niet meer doen). 6. Geen woord over beterschap.
Kortom U verwacht een verontschuldiging U krijgt verontwaardiging

Bij veel politiemensen, leraren, conducteurs en gewone burgers wordt door dit straatcultuurgedrag 'het bloed onder hun nagels' vandaan gehaald.

De diefstal op video opgenomen...
Laten we ervan uit gaan dat u duidelijk een diefstal of een vernieling hebt gezien. U roept de dader ter verantwoording. Hij ontkent dat hij het gedaan heeft: "Hoe kom je erbij? Dat heb ik niet gedaan man, dat waren een paar andere jongens; jullie geven altijd meteen mij / ons de schuld”.  
Dan confronteert u hem met een video-opname van het gebeurde. "Dat ben ik niet; die video hebben jullie getruuct. Waarom doen jullie dat? Jullie hebben altijd wat tegen mij... Bemoei je met jezelf man. Pas maar op, ik weet waar je woont".

Wat hebben jongeren uit de straatcultuur nodig? Hoe zijn ze te bereiken?

Straatcultuur is oppositiecultuur. Ze zijn juist tégen gezag. Ze stralen uit dat ze juist helemaal niet door u bereikt willen worden. Door een onverschillige, ongenaakbare houding.

De meeste jongeren in de straatcultuur komen uit gezinnen met veel sociale en financiële problemen (deze bewering svp niet omkeren). Die jongeren ervaren vaak een tekort aan 'respect' en een tekort aan structuur. Zij voelen zich uitgekotst en vernederd door de maatschappij, vooral een deel van de allochtone jongeren. Ze hebben daardoor een kort lontje en staan steeds 'op scherp'. In hun groep voelen ze steun. Op straat laten ze zien dat ze iemand zijn.

Het gaat dus om allebei: om vriendelijk contact leggen en duidelijk zijn; om respect en regels stellen; om warmte en autoriteit. Bij Marokkaanse jongens in de straatcultuur is de noodzaak van respectvol zijn en grenzen stellen het sterkst. Zij lijken het scherpst te reageren op het ontbreken ervan en zij zijn ook het meest ontvankelijk voor respectvol gedrag.

Jongeren uit de straatcultuur accepteren een correctie pas als er een 'band' is. Geen correctie zonder binding!

Een wapengevaarlijke jongen op het schoolplein
Een pedagogisch conciërge van een vmbo-school ziet een niet-leerling op het schoolplein rondlopen. Die jongen woont in de buurt. De conciërge weet van de politie dat deze jongen wapengevaarlijk is.
Hij loopt op hem af en geeft een hand. "Goeiemorgen, kan ik je helpen, zoek je iemand? ......... Je weet misschien dat hier alleen leerlingen komen die op deze school zitten, dat snap je wel. Anders hebben we geen overzicht meer.... Jij komt hier niet om kattekwaad uit te halen, het gaat niet om jou... maar vroeger hebben we een keer meegemaakt dat.. en ik moet me daar ook aan houden..”.
De jongen verlaat het schoolplein. Dit had bij een andere aanpak, de aanpak die bij veel mensen uit de burgerlijke cultuur als eerste opkomt, (Wat doe jij hier..? Weet je niet dat..?) heel anders kunnen aflopen.
Deze conciërge is niet gek. Hij laat weinig passeren. Hij heeft wekelijks contact met de politie.

Effectief corrigeren van jongeren in de straatcultuur. Twee mogelijkheden.

Bij jongeren in de straatcultuur hebt u, om professioneel te zijn, vaker de onderstaande twee stijlen nodig:

Beide stijlen zijn af en toe nodig. U moet zich dus - om effectief te zijn - béide stijlen eigen maken. Ze hebben uiteraard verschillende effecten.

Een brommer in elkaar gereden (Politie Amsterdam)
Een jongen heeft vrijwel zeker schade veroorzaakt aan een brommer maar het valt niet te bewijzen. De schade is ongeveer € 650. Hij ontkent alles.
Als alles geprobeerd en stukgelopen is vraagt een agent: "Die brommer is van een oude man, die heeft geen geld. Ben jij bereid de reparatie te betalen?" Dat wil hij. Hij betaalt. Als de politie maar geen bekentenis van hem verlangt.
Ik denk dat veel lezers dit knarsetandend lezen. Ik ook. U kunt de wind niet veranderen maar hoe de zeilen staan bepaalt u zelf.

De karate-aanpak

U hebt soms een hardere, duidelijker confronterender stijl nodig dan bij andere jongeren. U hebt het makkelijk als u de volgende eigenschappen hebt:

De judo-aanpak

De judo-manier van reageren is niet ons natuurlijke gedrag. Onze natuurlijke manier om te corrigeren is meestal: geïrriteerd iets verzoeken of kribbig verwijten. (Jongens, ga nu eindelijk eens weg. Nu ben ik het zat, wegwezen jullie) In vechttermen is dit (een zwakke vorm van) de karatestijl. Dat werkt in de straatcultuur vaak averechts. Jongens uit de straatcultuur kunnen véél beter schelden, treiteren, vechten, zuigen en dreigen dan u. U verliest het als u op deze 'gewone burgerlijke' manier gaat corrigeren. Om professioneel te zijn moet u ook de judo-aanpak beheersen.

Reageren op een winkeldiefstal
Een winkelier: “Soms sputtert een winkeldief tegen... maar er zijn manieren genoeg om een graaiende klant tegen te houden. Het ligt eraan hoe je ze benadert. Ik zeg altijd: joh loop even mee naar achteren. Als de dief vraagt waarom, antwoord ik dat er iets in de tas zit dat niet is afgerekend. Dat gaat altijd goed. Je moet ze gewoon niet in de nek springen. Daar worden ze agressief van”.
Het gedrag wordt niet geaccepteerd en de persoon wordt niet afgebrand: de judo-aanpak.

Bij de judo-aanpak maakt u gebrúik van hun eigenschappen: het eergevoel, de behoefte aan een persoonlijke band.

Jonge onzekere agenten, leraren en toezichthouders vinden de bovengenoemde 'schijnbaar amicale' judo-aanpak moeilijk. Ze gaan vaker de strijd aan. Ze willen winnen, dat is hún eer! In de straatcultuur zullen ze vaak verliezen.

Computers gestolen (Politie Den Haag)
Er zijn computers gestolen. De politie kan ze niet vinden maar heeft een sterk vermoeden wie ze gestolen heeft. De politie benadert een broer van een verdachte: "Wij kunnen die computers niet vinden, kan jij ons helpen die te vinden"? Broer en dader begrijpen dat de politie op het goede spoor zit. Ze kiezen eieren voor hun geld: de broer vindt de computers toevallig.
U mist waarschijnlijk de bestraffing. De politie ook. Dit was deze keer het maximaal haalbare.

Vier aandachtspunten, waarvan de laatste het belangrijkste is, tot slot:

Tot slot: een politieagente over scootercontroles
Als we scootercontroles houden, doe ik (autochtone politievrouw) het altijd zo: Ik geef de jongens die we laten stoppen altijd een hand. Ik zeg dat we zijn scooter gaan controleren en dat we álle scooters die langskomen laten stoppen voor controle. Vaak zijn scooters opgevoerd. Afhankelijk van de mate waarin, krijgt de bestuurder een boete of wordt de scooter in beslag genomen.
Ik zeg vaak zoiets (en meen dat ook) als: 'Die scooter kan echt veel te hard, dat is gevaarlijk joh, als ik jouw moeder was dan zou ik me zorgen maken, want als je zo hard rijdt en dan valt raak je zwaar gewond, vooral aan je mooie gezicht en hoofd. Ik zou dat vreselijk vinden'. Ook jongens uit de straatcultuur raakt zo'n persoonlijke aanpak. Na afloop, bij het weer geven van een hand, zeggen ze vaak: 'Dank u wel mevrouw, ik snap het wel, u moet ook maar uw werk doen'. Zelfs als ze een behoorlijke boete hebben gekregen of hun scooter moeten achterlaten.
Ik heb veel minder last van onbeschoftheden en brutaliteiten dan als ik het anders zou doen.

Hans Kaldenbach. Respect! 99 tips voor het omgaan met jongeren in de straatcultuur. Boekomslag.

Auteur: Hans Kaldenbach.

Samenvatting van: Hans Kaldenbach. Respect!, 99 tips voor het omgaan met jongeren in de straatcultuur. Uitgeverij Prometheus, Amsterdam. ISBN-9044607062.

Hans Kaldenbach is trainer bij ACTA-Kaldenbach.
Tel: 030-695 8359, acta.kaldenbach@tiscali.nl

Gerelateerd:


Bron: www.leren.nl/artikelen/2007/straatcultuur.html

Copyright © 1999-2017 Applinet B.V.
Alle rechten voorbehouden
Colofon