Home
 
Cursussen /rubriek/
streepjes

Leren > Cursus > Professionele vaardigheden > Telefoneren > Antwoordapparaat inspreken

Inspreken van een antwoordapparaat

Telefoneren
“Ja uhm, goedemiddag uhm met uhm Peter van Dijk. <stilte> Ik bel over de brochure die je graag wilt ontvangen. Ok, ik hoor het wel.” <Tuut tuut tuut>

Als je naar iemand belt, is het verstandig dat je van tevoren weet wat je precies wilt zeggen. Wordt er niet opgenomen en krijg je de mogelijkheid een bericht in te spreken, dan hoef je niet zoals Peter over je woorden te struikelen. Laat in ieder geval de volgende informatie achter:

  1. Noem je voor- en achternaam en de naam van de organisatie waarvoor je werkt. Bel je naar een collega dan noem je de afdeling waarvoor je werkt.
  2. Zeg in een korte zin de reden van je telefoontje: “Ik bel u, omdat ...”.
  3. Geef duidelijk aan wat de volgende stap zal zijn. Wil je teruggebeld worden? Geef dan duidelijk aan wanneer je bereikbaar bent. Probeer je zelf nog eens terug te bellen, geef dan aan wanneer je dit dan probeert.
  4. Als je je telefoonnummer, e-mailadres, faxnummer of adres opgeeft, spreek dan op langzame en duidelijke toon.
  5. Als je belt om iemand informatie te verschaffen, geef dan duidelijk aan of je wel of niet een antwoord verwacht.
  6. Sluit het bericht met een vriendelijk groet af.

Volgende pagina: iemand in de wacht zetten


Bron: www.leren.nl/cursus/professionele-vaardigheden/telefoneren/antwoordapparaat-inspreken.html

Copyright © 1999-2017 Applinet B.V.
Alle rechten voorbehouden
Colofon