Home
 
Cursussen /rubriek/
streepjes

Leren > Cursus > Sociale vaardigheden > Kritiek > Omgaan > Voorbeelden

Omgaan met kritiek: drie voorbeelden

Kritiek

We geven drie voorbeelden van een leidinggevende die kritiek uitoefent op een medewerker.

1. Opgeheven vingertje

Leidinggevende:
Ik wil even met je praten omdat je de laatste maanden fouten maakt in je werk Wat ga je daaraan doen?

Reactie medewerker:
Maak ík fouten? Kijk liever naar jezelf. Je hebt zelf je zaakjes niet op orde en nu schuif je mij de zwarte piet toe.

In het voorbeeld heft de leidinggevende het opgeheven vingertje. Hij heeft zijn oordeel klaar en vindt dat de ander met oplossingen moet komen. Een schot voor open doel: de medewerker schiet in de verdediging. De leidinggevende plaatst hem voor een voldongen feit en de medewerker kiest de tegenaanval omdat hij zich niet voelt uitgenodigd om de achtergronden toe te lichten.

2. Meteen naar de oplossing

Leidinggevende:
Ik wil even met je praten omdat ik het gevoel heb dat het de laatste maanden niet zo soepel loopt tussen jou en het werk. Wat ga je daaraan doen?

Reactie medewerker:
[doet moeite om tranen binnen te houden]
Ik doe ook nooit iets goed. Nu begin jij ook nog. Ik kan er niets aan doen. Het zijn mijn kamergenoten .... ik kan er niet meer tegen. Ze maken mij het werken onmogelijk met hun roddels en pesterijen.

Hoewel de leidinggevende in dit voorbeeld de waarneming bij zichzelf houdt met een ik-boodschap ("ik heb het gevoel") doet hij het positieve effect daarvan teniet door de afsluitende vraag ("Wat ga je daaraan doen?"). Daarmee geeft hij aan dat hij niet is geïnteresseerd in de oorzaken; hij wil meteen naar een oplossing en legt de verantwoordelijkheid daarvoor bij de medewerker. Dit triggert mogelijk de emotionele reactie. De medewerker voelt zich machteloos en niet begrepen. Bovenop opgepotte frustraties kan dit de druppel zijn om tot emotionele ontlading te komen.

3. Voorbeelden noemen

Leidinggevende:
Ik wil even met je praten omdat ik het gevoel heb dat het de laatste maanden niet zo soepel loopt tussen jou en het werk. Hoe komt dat?

Reactie medewerker:
Hoezo loopt het niet zo lekker? Wat bedoel je precies?

Leidinggevende:
Ik zie dat je vaak te laat komt en weer vroeg naar huis gaat. Ik merk dat je minder optrekt met collega's. De afgelopen week heb je niet één keer samen met hen geluncht. Dat deed je voorheen elke dag.

Reactie medewerker:
O, bedoel je dat. Nou, daar heb ik wel een reden voor ...

De assertieve reactie van de medewerker noodzaakt de leidinggevende om voorbeelden te noemen. Voorbeelden zijn verhelderend en bieden een kapstok voor een effectief vervolg van het gesprek.

Volgende pagina: Effectieve kritiek: drie peilers


Bron: www.leren.nl/cursus/sociale-vaardigheden/kritiek/drie-voorbeelden.html

Copyright © 1999-2017 Applinet B.V.
Alle rechten voorbehouden
Colofon