Home
 
Cursussen /rubriek/
streepjes

Leren > Cursus > Sociale vaardigheden > Overtuigen en beïnvloeden > Model-leren

De theorie van model-leren . . . Aapje zien, aapje doen

Overtuigen en beïnvloeden

Hier volgt een interessant onderzoek dat een heel aantal jaar geleden is uitgevoerd om iets aan te tonen. Ik zal de opzet beschrijven en dan mag jij raden wat er gebeurde.

Een onderwijzeres maakte een speciale video om te laten vertonen in haar kleutergroep. De video was opgenomen in een klas met een heleboel speelgoed waar vijfjarigen erg van houden. Een van de speeltjes was een opblaas-Bobo, die zo groot was als een kleuter. Naast Bobo lag een grote plastic honkbalknuppel.

De onderwijzeres deed het volgende. Ze filmde een jongetje in de klas die aan het spelen was met Bobo. Ze instrueerde het jongetje om de grote plastic knuppel te pakken en Bobo er eens flink van langs te geven. Het jongetje, dat een braaf jongetje wilde zijn, mepte Bobo alsof z'n leven ervan afhing. Knal, pats, boem!

Nu volgt het interessante deel van het onderzoek. De onderwijzeres bracht deze video op een dag mee naar haar klas. Vlak voordat de kinderen naar de speelzaal gingen, vertoonde de onderwijzeres de video. Er waren veel spelende kinderen op te zien, maar ook onze kleine honkballer die Bobo naar zijn grootje sloeg.

Oké mensen, nu de vraag voor één miljoen. Wat gebeurde er toen dit publiek van kleuters naar de speelzaal ging nadat ze de video hadden gezien?

Natuurlijk. Ze gingen direct op zoek naar Bobo en de knuppel. En toen ze die gevonden hadden, nou, het was geen prettig gezicht.

Dit onderzoek lijkt zo voor de hand liggend dat je je afvraagt waarom het eigenlijk is uitgevoerd. Natuurlijk, die kinderen zagen de video, en zodra ze de kans kregen, deden ze wat ze gezien hadden. Iedere ouder weet: wat aapjes zien, dat doen ze ook. Dus wat is er nou zo belangrijk aan de theorie van model-leren?

Drie dingen. Ten eerste is het verbazingwekkend dat mensen zo gemakkelijk beïnvloed kunnen worden. Alleen al door te kijken naar wat andere mensen doen, krijgen we nieuwe ideeën en ontwikkelen we nieuw gedrag. Ten tweede lijkt model-leren een van de meest overheersende manieren te zijn waarop mensen nieuw gedrag ontwikkelen. Als we in een nieuwe situatie zijn, kijken we vrijwel altijd rond om te zien wat anderen doen. Ten derde vereist het hele proces erg weinig nadenken van de kijker. Model-leren werkt zelfs sneller als je simpelweg het voorbeeld kopieert en niet probeert uit te vogelen wat er precies allemaal gaande is.

Hoe de theorie werkt

De theorie van model-leren werkt volgens drie eenvoudige stappen. Hier zijn ze in vogelvlucht.

  1. Je observeert een model.
  2. Je doet de handelingen van het model na.
  3. Je krijgt een nieuw resultaat.

Het wonderlijke van deze theorie is dat mensen eenvoudigweg beïnvloed worden door het bekijken van andere mensen (aapje zien, aapje doen). Door naar anderen te kijken leren we wat we moeten doen, wat we niet moeten doen, wanneer we het moeten doen en wat te verwachten als we het doen. Heel simpel, heel direct en heel makkelijk.

Nadat we het voorbeeld bekeken hebben, doen we het na. Dat wil zeggen, als we in een vergelijkbare situatie komen als die we eerder hadden gezien, vertonen we hetzelfde gedrag als we ons voorbeeld zagen doen. We zagen iemand een plastic kaartje in een apparaat stoppen, op een paar knoppen drukken en dan geld krijgen. Dus lopen wij ook naar het apparaat, kijken waar we de kaart in moeten stoppen, kijken of we wat aanwijzingen kunnen vinden over die knoppen, drukken er op een paar, en voilà, geld.

Onze nabootsing zou moeten leiden tot het gewenste resultaat. We zagen dat het voorbeeld geld kreeg, toch? Als onze nabootsing ons ook geld oplevert, dat hebben we het gewenste resultaat en dan zijn we werkelijk beïnvloed. (Ik zie jou iets doen, en als ik dat doe dan krijg ik wat ik wil.) Als onze nabootsing niet werkt, dan laten we het voorbeeld vallen.

Toepassingen in het onderwijs

Er zijn heel veel toepassingen van model-leren, maar kijk eens naar de volgende drie heel praktische implicaties.

1. Je moet weten wat er tot voorbeeld wordt genomen.

Herinner je je juffrouw Kracht en haar leerling, Slechte Sam? Slechte Sam overtrad een regel en juffrouw Kracht gebruikte straf om Sams gedrag te beïnvloeden. (Behalve dat Slechte Sam de straf wel wilde om zo de klas uit te kunnen en daarom bleef hij zich slecht gedragen, wat juffrouw Kracht in verwarring bracht.) Er gebeurde ook iets anders in juffrouw Krachts klas. Alle andere kinderen zagen het gebeuren en ze werden er, volgens de principes van model-leren, door beïnvloed. Elk van de kinderen leerde, door simpele observatie, meerdere belangrijke lessen.

Veel leerlingen leerden dat stoute kinderen straf krijgen. Dat is goed. Als je als docent een straf oplegt, dan wordt iedereen in de klas, niet alleen het kind waar het op gericht is, beïnvloed, via model-leren. Maar slechte dingen worden ook geleerd. Sommige kinderen leerden dat als ze zich gedragen als Slechte Sam, ze uit de klas van juffrouw Kracht weg kunnen komen. Weer anderen leerden (doordat ze zagen wat er gebeurde voordat Sam eruit gestuurd werd) dat ze allerlei dingen kunnen uithalen en toch niet in de problemen komen. Sommigen, tot slot, leerden hoe ze juffrouw Kracht op de kast konden jagen.

Het punt van dit voorbeeld is duidelijk. Als dingen gebeuren, kunnen mensen er een voorbeeld aan nemen.

2. Model-leren gebruiken om gedrag te veranderen.

De theorie van model-leren is vooral ontwikkeld om gedragsbeïnvloeding te verklaren. Hij is minder bruikbaar bij het creëren of begrijpen van veranderingen in het denken of het gevoel. Overweeg daarom model-leren alleen als je gedrag wilt beïnvloeden. Voor andere soorten verandering kun je beter andere overtuigingstechnieken gebruiken.

3. Laat model-leren zien. (Zeg het er niet bij.)

Zoals gezegd in punt 2, werkt model-leren goed bij het beïnvloeden van gedrag. De beste manier om model-leren toe te passen is het te doen in plaats van het te zeggen.

Referenties en aanbevolen literatuur

Bandura, A. (1962). Social learning through imitation. In M. Jones (Ed.), Nebraska symposium on motivation (pp. 211-269). Lincoln, NE: University of Nebraska Press.

Bandura, A. (1977). Social learning theory. Englewood Cliffs, NJ: Prentice-Hall.

Copyright © 1996 Originele tekst: Steve Booth-Butterfield. Copyright © 2004 Nederlandse vertaling: Ysolde Bentvelsen.


Bron: www.leren.nl/cursus/sociale-vaardigheden/overtuigen-beinvloeden/model-leren.html

Copyright © 1999-2017 Applinet B.V.
Alle rechten voorbehouden
Colofon